Bonte strandlopers

Bonte strandlopers2018-02-25

Flauwers en Wever inlagen, Zeeland

L: Calidris alpina
E: Dunlin
F: Bécasseau variable
D: Alpenstrandläufer

Veldkenmerken:
19 cm. Eén van de meest talrijke steltlopers. Kleine steltloper met lange zwarte gebogen snavel. 
Adult in zomerkleed met zwart gestreepte kastanjebruine kruin en bovendelen, grijswitte oorstreek en keel, gestreepte borst, zwarte vlek op buik, omzoomd door grijswit. In winterkleed bruiniggrijze bovendelen en witte onderdelen. 
Juveniel in nazomer lijkt sterk op adult maar heeft meer beige dan kastanjebruine bovendelen en grote zwarte vlekken op borst, die wel wat lijken op zwarte buik van adult. 
Komt meestal in groepen voor, van enkele tientallen tot duizenden. 
In de vlucht lijken enorme troepen dan weer donker, dan weer wit, door sterk gesynchroniseerd vlieggedrag. 
Gebogen houding tijdens fourageren.

Voorkomen:
Vrij talrijke broedvogel in Noord-Europa, elders zeldzaam. 
In de trektijd en in de winter de talrijkste kleine steltloper, vooral in getijdegebieden

Habitat:
Broedt in hooggelegen hoogvenen en moerassen met open water. 
Buiten broedseizoen op moddervlaktes, zowel in estuaria als langs zoetwater, maar vooral in getijdegebieden.

Voedsel:
Voornamelijk ongewervelden als insecten en wormen. Fourageert door pikken of boren, onder andere afhankelijk van het substraat.

(bron: SoortenBank.nl)

« Paarse strandloper Bonte strandlopers Kanoet(li) en Bonte strandlopers »